De helderheid van een afbeelding hangt sterk samen met de numerieke apertuur (N.A.) van het objectief:
- In standaard lichtmicroscopie varieert de helderheid direct met het kwadraat van de N.A.
- Bij gereflecteerd licht of fluorescentie varieert de helderheid met de vierde macht van de N.A.
Conclusie: een hogere N.A. levert helderdere beelden op.
Wat is de relatie tussen vergroting en helderheid van een afbeelding?
De helderheid van een beeld neemt af bij hogere vergroting, en wel invers met het kwadraat van de vergroting.
- Dit betekent: hogere vergroting → minder helder beeld, als alle andere factoren gelijk blijven.
Tips voor optimaal gebruik
- Kies een hoog N.A.-objectief voor maximale helderheid.
- Houd rekening met de afname van helderheid bij hogere vergroting en pas eventueel verlichting aan.
- In fluorescentie of gereflecteerd licht zijn hoge N.A.-waarden extra belangrijk voor heldere beelden.

